|
15 oktober 2005:
Een tocht waar elke zeiler van
droomt
"Het seizoen is weer begonnen. De
eerste zeiler is er weer." Zo werden Ed en Maaike Wapstra begin
mei door de havenmeester van Eyemouth aan de oostkust van Schotland
begroet. Het was in het begin van hun vijf maanden durende zeiltocht
rond Groot-Brittannië, Ierland en Noordwest Frankrijk. Eind
september zijn ze teruggekeerd in hun ‘thuishaven’ Franeker. Ze
zijn blij dat ze deze zeereis hebben ondernomen en hebben er intens
van genoten. Vooral het gevoel een zee van tijd te hebben vonden ze
heerlijk.
Het idee voor een lange zeezeiltocht bestond
al lang bij de familie Wapstra. In eerste instantie wilden ze de
tocht ondernemen als ze gepensioneerd zouden zijn. Een paar jaar
geleden vroegen ze zich af of het niet beter zou zijn om eerder te
gaan. "We zijn nu nog gezond, wie zegt dat we het dan nog op
kunnen brengen." En dus werden er plannen gemaakt. Het
belangrijkste was een goede plaatsvervanger te vinden voor de
artsenpraktijk van Ed. Dat was oktober 2004 geregeld, zodat de echte
voorbereiding kon beginnen.
Oorspronkelijk werd gedacht aan een
zeezeiltocht naar Spanje en Portugal. Maar Maaike was niet echt
overtuigd. "Eigenlijk is het daar veel te warm. De kustlijn is
er ook betrekkelijk saai. En aangezien we vooral wilden onthaasten
en genieten van de omgeving, de natuur en het zeezeilen hebben we
voor Groot-Brittannië gekozen."
Uitrusting
|

|
Op 1 mei 2005 kozen ze in hun "Frisonne",
een 12,7 meter lange Victoire 42 Classic, bij Vlieland het
ruime sop. Het is een standaard polyester schip, ontworpen
door Dick Koopmans en in de zomer van 2004 in Alkmaar
opgeleverd. Het is uitgerust met vijf zeilen. "Speciaal
voor deze tocht hebben we nog een stormfok aangeschaft. Verder
was het schip al volledig uitgerust", aldus Ed. Ook wat
betreft navigatie en veiligheid waren ze goed voorbereid. Er
zijn elektronische zeekaarten aangeschaft en apparatuur om
weerberichten op te kunnen vragen. En voor achterblijvers en
andere belangstellenden is een laptop aangeschaft, waarmee
door Maaike een speciale website
is bijgehouden.
|
|
De Frisonne,, een ‘stevige Friese
meid’ , Frans voor ‘Friezin’ |
"Het enige wat we niet hebben
aangeschaft is een E-pirp. Als dat apparaatje wordt geactiveerd
geeft het een signaal af. Aan de hand daarvan kan de kustwacht de
positie bepalen waar iemand in nood verkeert. Hallo, we gaan de
oceaan niet over!" Om
het doel te onthaasten waar te kunnen maken, was zestig liter wijn
ingeslagen en zijn vijftig boeken aan boord gesleept.
Havens
De zeezeiltocht heeft totaal 147 dagen geduurd. Daarin hebben ze
3100 zeemijlen of 5650 km afgelegd. Door de vele windstille dagen is
320 uren op de motor gevaren. Naast Engeland, Schotland, Ierland,
Man, Frankrijk en Belgie, zijn eilanden groepen bezocht als De
Shetlands, Orkneys, Inner en Outer Hebriden, Rathlin, Scilly’s ,
Kanaaleilanden en de Wadden.
Gedurende de reis zijn zestig havens aangedaan. In de aanlooproutes
naar de havens moest de familie Wapstra alert zijn op de heersende
stroming, ondieptes en rotspartijen. "Je gaat niet zomaar even
je auto parkeren", aldus Ed Wapstra.
In de havens waren meestal geen steigers als
in Nederland. Je moest voor anker of aan speciale boeien vastmaken.
Als je aan land wilde moest je met een bijboot. Voor dat doel hadden
Ed en Maaike een drie meter lange opblaasbare bijboot met
buitenboordmotor. Die hebben ze 2500 zeemijlen achter de boot
meegesleept. "Met opgeklapte motor en een dek erover. Het is
anders een heel gedoe in elke haven die boot weer vaarklaar te
krijgen."
Gastvrijheid
De Wapstra’s hebben zich verbaasd over de gastvrijheid die ze in
vrijwel alle havens ontmoetten. Maaike: "Het waren meest kleine
gemeenschappen. Daar zijn mensen gewend elkaar te helpen. Als je van
buiten komt heeft de bevolking het gevoel jou ook te moeten helpen.
Ze namen ons mee in auto’s en lieten ons leuke plekjes zien."
Op de Orkney’s hoorden ze op een ochtend
gestommel op de boot. Toen Ed aan dek kwam lagen er twee krabben.
"Ik zag aan de wal wel een visser weglopen, die heeft ze er
waarschijnlijk neergelegd. In een andere haven vroeg een visser:
Jullie zijn Nederlanders, die houden toch van haring? Toen kregen we
een partij haringen."
Genieten
|

|
Beiden hebben erg genoten van deze
zeezeiltocht. Het zijn accenten die verschillen.
Voor Maaike is het de natuur en de variatie op de
zeiltrajecten. "De natuur was indrukwekkend, vooral de
wisseling van seizoenen die je in vijf maanden meemaakt. De
gevarieerde, hier en daar grillige kustlijn heeft me geboeid.
En de rust en ruimte zowel op zee als op het land was
weldadig."
|
|
Samen genieten, bij Noup Head
op de Orkney’s |
|
|
Ed genoot vooral als zeiler. Hij moet de spanning ervaren.
Lyrisch is hij over het traject van Wick naar Interness, ruim
tachtig zeemijlen langs de oostkust van Schotland. "Het
waaide vijf tot zes Beaufort uit het noordwesten. We voeren
halve wind met weinig golven onder de kust. De meest ideale
situatie om hard te gaan en heerlijk stabiel op het water te
liggen. Daar genoot ik van. En dan al die dolfijnen om je
heen. Als vissen sprongen ze uit het water. Nu weer schoten ze
voor je langs, dan weer doken ze onder het schip door. Een
geweldig mooie tocht. Een tocht waar elke zeiler van
droomt."
|

Dat is echt
genieten …….! |
Gevaren
Het grootste gevaar op zee vormt het onweer. Daar kregen ze de
eerste nacht op de Noordzee al mee te maken. Ed daarover: "Het leek
wel vuurwerk. Maar met onze ervaring als zeezeilers leer je de
wolkenluchten te volgen. De eerste onweersbui ging gelukkig
voorlangs, de tweede net achterlangs." Maaike: "Dan ben je
wel bang, want je weet nooit wat er uit komt. Windstoten,
blikseminslag, hagel, alles is mogelijk."
Voor de Franse kust hadden ze een soortgelijke ervaring. In een
onweersbui kwamen diep paarse luchten op hun af. Maaike had het niet
meer. "De wind draaide plotseling 180 graden en ging heel heet
blazen, als een föhn. Dan ga je zeil minderen en alles safe
vastzetten. Je legt ook de zeilpakken vast klaar en gaat even wat
eten, want je weet nooit hoe lang het gaat duren. En als het dan
overtrekt voel je je erg blij en opgelucht."
Hiermee vergeleken stelt een touw in de
schroef, of bij eb met de kiel vastzitten in de modder niets voor.
Maar je moet het noodlot niet tarten. Op een cruciaal moment moesten
Ed en Maaike besluiten of ze Ierland via de westkust of de oostkust
zouden ‘nemen’. "De windvoorspelling was acht tot negen
Beaufort uit het westen. Toen was er geen discussie meer mogelijk.
Met de Oceaandeining ben je bij die windkracht nergens veilig langs
de westkust van Ierland. Dat was wel een grote teleurstelling. Maar
daar hebben we ons snel over heen gezet."
Advies
Over de zeereis zijn ze na
terugkomst zeer enthousiast. Al hebben ze de eerste dagen thuis wel
moeite om de juiste weg weer te vinden. Ze zouden volgend jaar zo
weer gaan. Maar de schepen achter zich verbranden en de wijde wereld
in, nee dat zien ze toch niet zitten. Maaike Wapstra is blij dat ze
de zeereis nu gemaakt hebben. "Het kost toch veel
energie." Ed is niet bang dat ik hij het straks in het werk
niet meer ziet zitten. "Ik ben wel benieuwd hoe lang het duurt
voordat ik weer in de maalstroom zit."
Ze hebben ook een advies: "Als je de mogelijkheid hebt, ga er
dan een tijd tussenuit en doe de dingen die je leuk vindt."
|