|
Simon
Minnesma: vreemde eend in de bijt
De carrière van kaatser Simon
Minnesma (35) zit erop. Zondag 21 oktober kaatste hij in Leeuwarden
zijn laatste hoofdklasse partij tijdens de uitnodigingswedstrijd op de
Oldehovedag. Een voortzetting in België is afgeketst, alle energie
wordt voortaan in zijn gezin en de Stichting Score gestopt.
Simon
Minnesma, de opslager uit Dronrijp, had zijn kaatscarrière het
liefst met een goede laatste wedstrijd afgesloten. Dat zat er
niet in. Op de Oldehovedag in Leeuwarden verloor de
‘gentleman’ al in de eerste omloop. Zijn kinderen beloonden
hem desondanks met een prachtige bloemenhulde. “Dat was wel
heel speciaal”, vond Simon. Verder deed het afscheid hem niet
zo veel meer. “Een paar jaar geleden heb ik al besloten op
mijn 35ste te stoppen met kaatsen op het hoogste
niveau.” Hij heeft dus tijd genoeg gehad om aan het idee te
wennen.
Simon heeft een heel mooie kaatscarrière achter de rug. Hij won
in totaal 76 eerste prijzen, 70 tweede prijzen en 63 maal ging
hij met de derde prijs naar huis. Op de PC heeft Simon zeventien
maal geacteerd, voor het eerste in 1992, het jaar van zijn
doorbraak. In 1995 won hij die wedstrijd der wedstrijden zelfs
als koning. Hij werd op het Franeker Sjûkelân ook nog twee
maal tweede en twee maal derde. |

Simon neemt bloemenhulde
van kinderen in ontvangst.
(foto: Gert Gort)
|
Bijna alle hoofdklasse partijen heeft
hij wel een keer gewonnen. Er was zelfs een jaar bij dat hij in twaalf
finales stond en ook twaalf keer met de krans thuis kwam. Alleen
Menaldum en de zondagwedstrijd in Beetgum ontbreken op zijn erelijst.
In het eeuwige puntenklassement neemt Simon bij zijn afscheid de 28ste
positie in met 448 punten. Op een internationaal toernooi is hij
tweemaal tot beste speler van het toernooi uitgeroepen. “Dat blijft
je altijd bij.”
Balgevoel
Dat hij Menaldum nooit kon winnen is jammer. Simon is daar
opgegroeid en hij kwam er voor het eerst met de kaatssport in
aanraking. Als geboren Groninger (11 mei 1973 in Winschoten) kwam hij
als driejarige peuter in Menaldum wonen. Op achtjarige leeftijd werd
hij lid van kaatsvereniging “VVV Menaem”. Simon bleek een talent
te zijn met een enorm balgevoel. Dat moet hem in de genen zitten.
“Het balgevoel heb ik van moeders kant. Zij was zelf goed in
gymnastiek, maar haar broer Anne Bouma was een goede kaatser.” Zijn
vader heeft hem een atletisch en conditioneel vermogen meegegeven,
waardoor hij lang scherp en geconcentreerd kan blijven. Die blonk uit
in de atletiek en het schaatsen.
Bij de VVV Menaem heeft hij alle
categorieën doorlopen en werd hij in alle selecties opgenomen. “Ik
had alleen de pech dat we eigenlijk nooit een echt sterk partuur
hadden om de bondswedstrijden te winnen. Daardoor ben ik nooit in
aanmerking gekomen voor het ‘klavertje vier’. Dat vind ik wel
jammer. Sommige jongens verhuisden wel om zo de ‘Jongensbond’ te
kunnen winnen. Dat heb ik nooit overwogen.”
Het balgevoel kwam Simon ook van pas
in het voetbal. Die sport beoefende hij in de winter bij Foarût uit
Menaldum. “Ik mocht graag voetballen. Ik was geen harde, maar wel
een mooie voetballer.” In zijn favoriete positie op het middenveld
achter de spits kon hij heerlijk strooien met pasjes. De Friese
voetbalbond selecteerde hem diverse malen voor de B- en A-Junioren.
Toch besloot hij als 15-jarige A-junior met voetbal te stoppen. “Ik
bleef lang klein en had geen body. Fysiek kwam ik daardoor te kort.
Daarbij komt dat je concentreren op twee sporten niet lukt als je
alles goed wilt doen. Twee of drie dingen half doen ligt niet in mijn
aard.” Simon koos toen definitief voor het kaatsen.
Vader
belangrijke factor
Simon debuteerde als 17-jarige kaatser in de eerste klasse (nu
hoofdklasse). Daarin heeft hij tot zijn afscheid gespeeld,
uitgezonderd het seizoen 2004. “Mijn vader is dat jaar overleden en
dat heeft me erg aangegrepen. Mijn vader was een belangrijke factor in
mijn leven. We konden aan elkaars ogen zien wat we bedoelden. Hij was
nooit op de velden, want hij kon de spanning niet aan. Hij volgde
alles wel via de radio. Als hij dan hoorde dat ik een prijs had
gewonnen ging hij de tuin in. Dan ging het maaien ook wat
gemakkelijker.”
Die degradatie (met
Folkert van der Wei
en Karel Nijman) vindt Simon een smet op zijn carrière. Hij heeft er
nog altijd vervelende gevoelens bij. “Er is een spelletje
gespeeld”, verklaart Simon met enige stemverheffing, maar zonder
namen te willen noemen. In de allesbeslissende wedstrijd ontmoetten de
twee overgebleven degradatiekandidaten elkaar in de tweede omloop. De
verliezer zou degraderen. Bij de tegenpartij werd de achterinse
plotseling ziek. “Auke van der Graaf werd bij geloot, het begon bij
hen te lopen en op 5-5 6-4 gingen wij eruit. Hij is nooit ziek geweest
en over het bijloten heb ik ook mijn vraagtekens.” Een jaar later
promoveerde Simon weer en behaalde 31 punten. “Dat gaf wel aan dat
ik in de hoofdklasse thuis hoorde.”
 |
Dierbare
herinnering
Zijn dierbaarste herinneringen beleeft Simon aan het winnen van
zijn eerste klokje, in 1993 in Harlingen. “Volgens afspraak
was die voor mijn vader. Ik weet ook nog precies hoe de slagen
verliepen.” Met Sake Porte en Tunno Schurer kaatste Simon in
de eerste omloop tegen Pieter van Tuinen, André Kuipers en
Pieter Tienstra. “We kwamen met 3-0 achter. Toen Sake en Tunno
in het perk kwamen zeiden we tegen elkaar: Dan moet het nu maar
gebeuren, hé. Daarna begon het te lopen en wonnen we de
partij!”
De winst in de PC van 1995 is
een belangrijk hoogtepunt in de carrière van Simon. Zijn
partuur met Sake Porte en Klaas Anne Terpstra was niet direct
topfavoriet. “We waren eigenlijk het vierde partuur. Maar we
waren die dag in supervorm en sloegen ze er allemaal af.”
Simon werd die dag tot koning uitgeroepen. Hij had ook een
belangrijk aandeel in de finalewinst. “De finale tegen Johan
en Gerben Okkinga en Tunno Schurer wonnen we bij de stand 5-2 en
6-4 op een zitbal van mij.”
Simon Minnesma voor
zijn laatste opslag. De herinnering blijft.
(foto: Gert Gort) |
Vreemde
eend
Simon heeft zich lang op topniveau gehandhaafd. Dat heeft hij onder
andere bereikt door zijn gedrevenheid. “Het belangrijkste is dat je
moet willen winnen. Als je dat niet hebt, dan red je het niet en kun
je wel ophouden. Ik wilde in mijn jeugd al hoofdklasser worden en daar
lang blijven. En daarin ben ik geslaagd. Als ik iets in het hoofd heb
dan lukt dat. Als het links om mislukt, dan ga ik rechtsom.” Daarbij
was hij ook een trainingsbeest. ”Trainen is nooit een straf geweest,
ik vind het vaak mooier dan de wedstrijden. Ik voel me ook een beetje
een vreemde eend in de bijt. Ik train meer en anders dan anderen, doe
veel conditietrainingen met een professionelere aanpak. De meeste
hoofdklassers benaderen het kaatsen als ‘gewoon er naast’. Dat
vind ik jammer. Als je in de hoofdklasse staat dan telt maar een ding:
kaatsen. Voor mij is het een soort levenswijze, waarbij de hele week
in het teken staat van de wedstrijden in het weekeinde.” Daarbij
krijgt hij alle steun van zijn omgeving. “Mijn hele gezin staat
achter mij. Mijn vrouw heeft geen sportachtergrond, maar steunt me
altijd.”
Kaatsnap
slechtste verandering
Na ruim 25 jaar
kaatsgeschiedenis heeft Minnesma een uitgesproken mening over de
kaatsnap. “Dat is de slechtste verandering die is ingevoerd. Een bal
in elke situatie ‘boppe slaan’ is wel spectaculair, maar het spel
gaat er aan ten onder.” Toch is hij er in meegegaan. “Ik moest
wel, anders had ik mezelf tekort gedaan.”
Als gevolg van de negatieve
ontwikkelingen in de publieke belangstelling zou de KNKB volgens Simon
de zondag het beste tot de kaatsdag kunnen promoveren. “Op zaterdag
komen erg weinig mensen. Die wedstrijden kun je er beter uitgooien.
Het is gewoon jammer dat je maar eens per jaar in een volle arena van
de PC kunt optreden.
Stichting
Score
In 2003 heeft Simon met zijn trainer André Tolsma de Stichting Score
opgezet. Met een organisatie als Rintje Ritsma met zijn schaatsploeg,
wilde hij de kaatsers beter laten worden. Daarmee presenteerde Simon
de eerste professionele kaatsploeg, een commerciële doorbraak. De
gehele organisatie is in vijf jaar uitgebreid tot ongeveer 27
medewerkers. De kaatsers zelf kunnen zich volledig op hun sport
richten. “Dat kan, doordat wij een heel team met trainers,
wedstrijdcoaches en mental coaches ter beschikking hebben.” Om toe
te kunnen treden tot een van de vier ploegen die Score nu heeft, moet
de sporter achter de uitgangspunten en de manier van trainen van Score
staan.
Stichting Score is gestart met acht
sponsors, vijf jaar later doen 82 sponsors mee. Zij verstrekken
ongeveer 80 procent van de totale kosten in natura. “Dat doen ze
vooral omdat ze achter onze intentie staan. Buiten het kaatsen om
organiseren we ook veel activiteiten met en voor onze sponsors. De
teamleden zijn daarbij netjes in het pak gekleed, want wij zijn op dat
moment het visitekaartje. Bij andere kaatsteams blijft het maar al te
vaak bij een bedankje en verder niets.”
De Stichting communiceert naar buiten
via een eigen website en een prachtig magazine. Eens per jaar wordt
een tachtig pagina’s dik, lux uitgevoerd, full collor blad
uitgebracht dat op de jaarlijkse teampresentatie wordt uitgereikt.
“Meer edities zijn niet mogelijk. Daar zou je dan fulltime mee bezig
zijn. Naast mijn fulltime baan bij UWV in Sneek is dat onmogelijk”
Het toeval
wil dat zijn grote voorbeeld voor de opzet van Stichting Score, Rintje
Ritsma, zeer recent ook heeft besloten een punt te zetten achter zijn
actieve sportcarrière. Simon heeft met Ritsma gemeen dat
beiden door de combinatie van uitstraling en wilskracht een
interessante persoonlijkheid zijn voor potentiële sponsors. Die
eigenschap wil Simon in de toekomst daarom ook meer inzetten voor zijn
Stichting. Dat moet dan vooral de nieuwe opleiding van twee jeugdteams
ten goede komen. Vanaf het seizoen 2009 ondersteunt Stichting Score
een hoofdklasse herenteam (nu nog twee), een hoofdklasse damesteam, en
een junioren- en meisjesteam. Een functie als trainer ziet Simon niet
direct als zijn roeping. Wel blijft hij vanuit de Stichting
kaatsclinics verzorgen.
Trots
Zo blijft Simon zeer nauw bij de kaatssport betrokken. Een
sport die hem zeer lief is, waarin hij vele mooie jaren heeft
beleefd. Waarin hij niets heeft gekregen, maar altijd hard heeft
moeten werken om datgene te bereiken wat hij wilde. Hij is
daarom ook trots op wat hij heeft bereikt en op de keuzes die
hij daarbij heeft gemaakt.
De trotse ‘gentleman’
tussen zijn mede afscheidnemende collega toppers Klaas Berkepas(l)
en Auke van der Graaf.
(foto: Bernard Pijper) |
 |
|